Op grond van artikel 2:9 van het Burgerlijk Wetboek is elke bestuurder tegenover de rechtspersoon verplicht tot een behoorlijke vervulling van de aan hem opgedragen taak. Indien de bestuurder verzaakt zijn taak behoorlijk te vervullen dan kan hij aansprakelijk worden gesteld voor de daardoor ontstane schade. De (interne) aansprakelijkheid van een bestuurder kan desalniettemin afstuiten op een dechargeverlening aan het bestuur.

Wat is decharge?

Decharge wordt omschreven als het verlenen van kwijting aan een bestuurder voor het gevoerde beleid. Door decharge te verlenen doet de vennootschap afstand van het vorderingsrecht op een bestuurder. Afstand doen van een vorderingsrecht geschiedt door middel van een vormvrije overeenkomst ingevolge artikel 6:160 van het Burgerlijk Wetboek. Decharge is echter niet specifiek geregeld in de wet.

Soorten decharge

In zijn algemeenheid kan gesproken worden over twee vormen van decharge, namelijk jaarlijkse decharge en de finale decharge.

Jaarlijkse decharge

In beginsel geschiedt jaarlijkse decharge bij de vaststelling van de jaarcijfers. Echter, op grond van artikel 2:210 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek brengt de vaststelling van de jaarrekening geen kwijting van de bestuurder met zich mee. De beoogde decharge dient aldus als afzonderlijk punt op de agenda te staan. De Algemene Vergadering van Aandeelhouders zal de decharge expliciet moeten verlenen middels een dechargebesluit. Hierop geldt echter een uitzondering ingevolge artikel 2:210 lid 5 van het Burgerlijk Wetboek. Als de aandeelhouders tevens bestuurder zijn en alle overige vergadergerechtigden in de gelegenheid zijn gesteld om kennis te nemen van de jaarrekeningen en met de wijze van vaststelling hebben ingestemd, behelst de vaststelling van de jaarrekening tevens het verlenen van decharge aan de bestuurders. Er is dan geen afzonderlijk dechargebesluit vereist.

Finale decharge

Finale decharge speelt voornamelijk een rol bij het beëindigen van de functie van de bestuurder. De vennootschap doet hierbij afstand van elk recht op schadevergoeding wegens onbehoorlijke taakvervulling. Dikwijls wordt er bij de beëindiging van de bestuursfunctie onvoorwaardelijk en onbeperkte decharge verleend aan de voormalige bestuurder.

De consequenties van het verlenen van decharge

Zoals gezegd resulteert het verlenen van decharge in ontslag van aansprakelijkheid van de bestuurder voor al zijn handelen. Dit geldt ook wanneer de bestuurder daarmee de onderneming bewust en opzettelijk schade heeft berokkend (HR 20 november 1980, NJ 1990, 308). Echter, decharge heeft slechts werking ten opzichte van de onderneming en dus niet ten opzichte van derden die schade hebben geleden.

De misvattingen omtrent decharge

Het feit dat de vennootschap de bestuurder decharge heeft verleend, betekent niet per definitie dat de bestuurder niet meer (intern) aansprakelijk is voor de door de vennootschap geleden schade. Er zit aldus een addertje onder het gras. Zo ziet de jaarlijkse decharge slechts op het gevoerde beleid van de bestuurder zoals blijkt uit de jaarcijfers of toelichting dan wel voor feiten die aan de Algemene Vergadering expliciet zijn medegedeeld ten tijde van de verleende decharge. De Hoge Raad heeft daarbij expliciet benoemd dat “decharge zich ook niet uitstrekt tot hetgeen de aandeelhouders redelijkerwijs konden weten dan wel tot hetgeen waarop zij, mede gelet op de hun verstrekte informatie, bedacht konden zijn”.

Daarnaast dient men bedachtzaam te zijn op het feit dat een dechargebesluit van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders door de rechter vernietigd kan worden op grond van de redelijkheid en billijkheid (artikel 6:248 BW en 2:8 van het Burgerlijk Wetboek).

Ook voor wat betreft de verlening van finale decharge zal enige voorzichtigheid betracht moeten worden. Immers, een beding tot verlening van onbeperkte en onvoorwaardelijk decharge kan in sommige gevallen geen stand houden. Hierbij moet gedacht worden aan strijd met redelijkheid en billijkheid vanwege bedrog aan de zijde van de bestuurder.

Wilt u, als vennootschap, een (voormalig) bestuurder aansprakelijk stellen? Wellicht zijn er mogelijkheden ondanks de verleende decharge. Wij denken graag met u mee.

Wordt u, als (voormalig) bestuurder aan wie decharge is verleend ondanks deze dechargeverlening geconfronteerd met een aansprakelijkheidstelling jegens de vennootschap of derden? Neem dan contact met ons op. Wij staan u graag bij.

Heeft u naar aanleiding van deze best practice vragen? Neem dan contact met ons op via sheevani.bharatsingh@thelawfactor.nl (of 035-677 4080).